Met de flip chip kunnen rijders snel de geometrie van hun mountainbike met Maestro-vering veranderen om het rijgedrag aan te passen aan de omstandigheden of het terrein. Rijders kunnen de balhoofd-/zitbuishoek plus de bottom-brackethoogte aanpassen via een excentrische (offset, twee posities) verstelmogelijkheid in de bovenste rocker-arm.

Bekijk de video hierboven om meer te weten te komen over de Maestro flip-chip, hoe de flip-chip de manier waarop je fiets presteert op het terrein beïnvloedt en hoe je de flip-chip kunt verwisselen.

HOE WERKT HET?

Deze hardware geeft de rijder twee posities om uit te kiezen: hoog en laag.

1. HOGE POSITIE

Wanneer de flipchip in de hoge stand staat, wordt de balhoofdhoek 0,7 graden steiler, de zitbuishoek 0,8 graden steiler en de trapashoogte 10 mm hoger.

2. LAGE POSITIE

Wanneer de flipchip zich in de lage positie bevindt, wordt de hoek van de balhoofdbuis 0,7 graden vlakker, de hoek van de zitbuis wordt 0,8 graden vlakker en is de hoogte van de trapas 10 mm lager.

HOE VERANDERT HET MIJN RIJERVARING?

HOGE POSITIE
Vanuit het perspectief van de rijder zorgt de steilere balhoofdhoek ervoor dat de fiets sneller reageert. Een steilere zitbuishoek zet de rijder in een agressievere klimhouding. Bovendien zorgt het hogere bottom bracket voor meer bodemvrijheid van de pedalen waardoor je langer kunt blijven doortrappen over rotsen en boomwortels. De hoge positie is de voorkeursinstelling voor trager, meer technisch terrein met krappe bochten.

LAGE POSITIE
Door de vlakkere balhoofdhoek is de fiets stabieler bij hoge snelheden en krijg je meer zelfvertrouwen op steiler terrein omdat het voorwiel iets verder naar voren staat. Daarnaast zorgt een lager bottom bracket voor een lager zwaartepunt voor zowel fiets als rijder waardoor het geheel nog stabieler aanvoelt. De lage positie is ideaal voor sneller, meer open terrein.